Wat eraan vooraf ging

Ongeveer tweeduizend jaar geleden werd op de eerste Pinksterdag — vijftig dagen na Paasmorgen en tien dagen na de Hemelvaart van Jezus Christus — een nieuwe dimensie toegevoegd aan de interactie tussen God en mensen. Deze nieuwe dimensie kwam beschikbaar omdat kort daarvoor Jezus de belangrijkste overwinning in de geschiedenis behaald had. In Zijn lijden en sterven betaalde Hij de prijs voor alle zonde en schuld die aan de mensheid kleefden en nam Hij daarmee in principe de blokkade tussen mensen en God weg. In principe, want dit heilsfeit wordt door God aan niemand opgedrongen.

De gevolgen van dit heilsfeit laten zich moeilijk in woorden vangen. Niet slechts een theoretische verbondenheid met de God van hemel en aarde maar leven onder een ‘open hemel’ wordt het deel van mensen die Gods genadeaanbod geloven en aanvaarden. Johannes doopte mensen die dit aanbod van genade wilden ontvangen met water, Jezus beloofde dat deze gelovigen ook gedoopt zouden worden met de Heilige Geest. Op die eerste Pinksterdag werd dat een feit. Het ging gepaard met bijzondere verschijnselen zoals het geluid van een hevige wind, er verschenen een soort vuurtongen die zich verspreidden over de aanwezigen, mensen begonnen in andere talen te spreken zoals hun door de Geest werd ingegeven. Sommige omstanders reageerden kritisch op deze extatische manifestaties: ‘Ze zullen wel dronken zijn!’ Maar anderen bemerkten dat er iets hemels gaande was en op die eerste Pinksterdag kwamen er duizenden mensen tot dezelfde keuze voor Gods aanbod van genade in Jezus Christus.

In het Bijbelboek Handelingen is vervolgens te lezen hoe de kerk ontstond en groeide en hoe de verkondiging van deze boodschap van Gods genade gepaard ging met bijzondere manifestaties vanuit de hemel. Zoals Jezus zelf al had aangekondigd: als tekenen zullen deze dingen de gelovigen volgen, op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen...

Er zijn in geschiedenis van de wereldwijde kerk altijd stromingen geweest die bijzondere aandacht voor de persoon en het werk van de Heilige Geest hadden. Kerkelijke instituties beschuldigden deze mensen soms van ketterij en zij werden soms wreed vervolgd. Gelukkig is er in de tweede helft van de vorige eeuw veel toenadering ontstaan tussen mensen van verschillende kerkelijke richtingen en wordt er nog slechts incidenteel veroordelend gesproken tegen Pinksterervaringen.

De opwekking in de Azusa Street, Los Angeles (V.S.) van 1906 wordt vaak aangeduid als het begin van de hedendaagse Pinksterbeweging. Ook in Nederland zijn er vanuit deze beweging Pinksterkerken ontstaan. De beweging die vanuit Asuza Street op gang kwam noemen sommige kerkhistorici wel de eerste golf. De boodschap van genade gecombineerd met de kracht van het Koninkrijk van God heeft door de Pinksterbeweging sinds die tijd een enorme nieuwe impuls gekregen die over de hele wereld leidde tot nieuwe kerken en gemeenten.

Rond 1960 (de zogenaamde tweede golf) ontstaan opnieuw wereldwijd nieuwe gemeenten. Ook in Wageningen verlangt men naar meer. In 1957 zijn op initiatief van Br. Mol wekelijkse bidstonden begonnen vanuit een verlangen naar geestelijke opwekking. Vanaf 4 juni 1958 zijn er ook samenkomsten in de consistorie van de Arboretumkerk die geadverteerd werden als ‘Opwekkingsevangelisatie’. Vanaf 6 december 1964 worden zondagsdiensten gehouden. Op 15 augustus 1966 ontstaat de rechtspersoon ‘Immanuël — Stichting tot verbreiding van het Volle Evangelie’. Immanuël wordt een gemeente en ontwikkelt zich voorspoedig. In 1985 wordt Jan Bernard Struik aangesteld als eerste full-time voorganger van de gemeente.

 

'Derde Golf'

Vanuit theologisch-historisch perspectief behoort de Vineyard tot de ‘derde golf’; het neo-pentecostalisme van na 1980. In deze periode ontstaan opnieuw wereldwijd vele nieuwe gemeenten. In 1988 bezoeken leiders van Immanuël de ‘Signs and Wonders’ conferentie van John Wimber in Frankfurt en komen enthousiast terug. John Wimber, leider van de Vineyard beweging, geeft onderwijs over ‘Doing the stuff’. Hij wijst er op dat christenen niet alleen in de kracht van het koninkrijk van God zouden moeten geloven, maar zelf ook mogen functioneren in de kracht van dat Koninkrijk. Christenen zijn geroepen om de Heilige Geest uit te nodigen om mensen aan te raken, hen het vaderhart van God te openbaren, te bevrijden van geestelijke gebondenheid en hun ziekten te genezen. Niet lang na het bezoek aan Frankfurt wordt John Wimber door Stichting KANA (Theo Aerts, Jan Bernard Struik, Cris van Dusseldorp, Steve van Deventer en Mathijs Piet) uitgenodigd om ook in Nederland deze boodschap toe te lichten.

In 1991 ontstaat binnen Immanuël verschil in visie en kiest een aantal leden voor een andere richting (de Salem gemeente ontstaat). Ondertussen groeien relaties tussen Vineyard-voorgangers en het gemeenschappelijk ervaren gedachtegoed van Vineyard leidt ertoe dat Immanuël zich op 6 maart 1994 aansluit bij de Vineyard-beweging. De Vineyard telt wereldwijd ca. 1500 kerken, waarvan inmiddels elf in de Benelux.

In 1998 vertrokken Jan Bernard en Tineke Struik naar Utrecht om ook daar een Vineyard-gemeente te starten. Johan en Frannie Vink namen het leiderschap van de Vineyard-gemeente van hen over. In augustus 2012 hebben zij de leiding van de gemeente overgedragen aan Menno Helmus die tevens leiding geeft aan de in 2011 gestarte Vineyard-gemeente in Amersfoort.